Schematherapie voor emotieregulatieproblemen bij kinderen
Onderzoek moet uitwijzen of de interventie ‘Schematherapie voor emotieregulatieproblemen bij kinderen' (STerK) kinderen van acht tot en met elf jaar kan helpen.
Levi, een jongen van elf met ADHD, heeft zowel internaliserende als externaliserende emotieregulatieproblemen. Hij kampt met angst, slaapproblemen en een separatieangststoornis. Hij slaapt bij zijn moeder in bed en is bang om zonder haar op schoolkamp te gaan. Tegelijkertijd heeft hij vaak last van boze buien. Zijn moeder, die alleen voor drie kinderen zorgt na een periode van huiselijk geweld, worstelt met zowel het bevorderen van zijn zelfstandigheid als met grenzen stellen. Door haar eigen psychische klachten is ze onbedoeld onvoldoende beschikbaar voor Levi.
Bij de ontwikkeling van zowel internaliserende als externaliserende psychopathologie wordt emotieregulatie steeds vaker beschouwd als een transdiagnostische factor (Aldao, et al. 2016). Dat wil zeggen: emotie(dys)regulatie is een onderliggend mechanisme dat voorkomt bij verschillende psychische klachten en beïnvloedt het ontstaan of voortbestaan van meerdere psychische stoornissen. Hoewel onderzoek aantoont dat vroege interventie noodzakelijk is, zijn de meeste evidencebased behandelingen voor kinderen nog stoornis-georiënteerd en niet transdiagnostisch van aard. Wij onderzoeken of schematherapie als transdiagnostische behandeling geschikt is voor kinderen van acht tot elf jaar met emotieregulatieproblemen.
Schematherapie, ontwikkeld door Jeffrey Young, richt zich op het herkennen en veranderen van disfunctionele schema’s en modi die ontstaan door onvervulde basisbehoeften in de kindertijd. Schema’s zijn diepgewortelde overtuigingen die de perceptie van zichzelf, anderen en de wereld kleuren. Als de emotionele behoeften van een kind onvoldoende vervuld worden, ontstaan maladaptieve schema’s die in combinatie met een disfunctionele copingstrategie tot uiting komen in een modus: een gemoedstoestand die op dat moment iemands gedrag, gevoelens en gedachten bepaalt. Binnen het theoretisch kader van de schematherapie worden zeven basisbehoeften van kinderen onderscheiden:
Veiligheid & verbinding,
Autonomie & competentie,
Vrijheid van expressie,
Realistische grenzen,
Spontaniteit & spel,
Rechtvaardigheid en
Zelfcoherentie.
Een van de doelen van de interventie STerK (Schematherapie voor emotieregulatieproblemen bij kinderen) is ouders te leren deze behoeften alsnog te vervullen. Voor een uitgebreide beschrijving van schematherapie, zie Vreeswijk et al. (2009).
Bij Levi is vermoedelijk het schema Verlating onderliggend aan zijn (separatie)angst. Op basis van zijn traumatische levensgeschiedenis en gedrag kan worden verondersteld dat hij verwacht dat belangrijke anderen, zoals zijn moeder, hem zullen verlaten, net zoals zijn vader heeft gedaan. Als coping- strategie klampt hij zich vast aan zijn moeder en toont aangepast gedrag om zo het risico te minimaliseren dat ze bij hem weggaat. Bij Levi is dit zichtbaar in wat in de schematherapie de Willoze Inschikkelijke-modus wordt genoemd. Als hij in deze modus