Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Reacties0

Klaske Glashouwer | ‘Eetstoornis behandelen nog te vaak weggezet als apart specialisme’

Met één been in de klinische praktijk en het andere in wetenschappelijk onderzoek werkt hoogleraar Klaske Glashouwer aan betere zorg voor kinderen en jongeren met een eetstoornis. Processen die de problemen in stand houden, hebben haar speciale aandacht.
foto: Aleid Denier van der Gon

Wetenschappelijk onderzoek naar eetstoornissen bij jeugdigen bevorderen en verbinden met de klinische praktijk: dat is de missie van prof. dr. Klaske Glashouwer. Ze is bijzonder hoogleraar Diagnostiek en behandeling van eetstoornissen bij jeugdigen aan de Faculteit Gedrags- en Maatschappijwetenschappen van de Rijksuniversiteit Groningen (RUG) en Accare, dat de leerstoel in samenwerking met de RUG instelde. Glashouwer werkt bij Accare als wetenschappelijk onderzoeker en behandelaar (GZ-psycholoog en cognitief-gedragstherapeut VGCt). Nog een missie van haar: het stigma op eetstoornissen verminderen en zorgen dat deze stoornissen eerder en beter worden herkend.

De reflex bij eetstoornis is vaak: snel doorverwijzen

Wetenschappelijk onderzoek doen én werken in de klinische praktijk lopen als een rode draad door je carrière. Waarom koos je voor deze combinatie?
‘Ik kan niet zeggen dat ik hier bewust voor heb gekozen, want het leven hangt nu eenmaal van toevalligheden aan elkaar. Wel koos ik bewust voor de studierichting klinische psychologie. Ik hou er enorm van om te puzzelen op gedrag. Wat maakt dat iemand doet wat hij doet? Op de universiteit kwam ik erachter dat ik onderzoek doen en in de klinische praktijk werken allebei erg leuk en interessant vond. Na mijn afstuderen zag ik een vacature voorbijkomen voor een baan in Groningen, waarbij ik beide zou kunnen combineren: promotieonderzoek en een opleiding tot GZ-psycholoog. Ik heb direct gesolliciteerd en was helemaal gelukkig toen ik de baan kreeg. Behalve van theorie en puzzelen, hou ik van de persoonlijke verhalen die mensen me vertellen. Als je alleen maar onderzoek doet, krijg je die verhalen veel minder mee. Dat ik me nu heen en weer kan bewegen tussen deze twee werelden is niet alleen leuk voor mezelf, maar ook erg belangrijk voor het vak. We hebben mensen nodig die de onderzoeks- en praktijkwereld met elkaar verbinden, en die rol van verbinder past mij heel goed.’
Hoe kwam het onderzoek naar eetstoornissen op je pad?
‘Ook weer toevallig: ik moest nog een stage doen om mijn opleiding tot GZ-psycholoog af te ronden, toen een collega opperde eens langs te komen op de afdeling voor jongeren met eetstoornissen. Ik vond dat best spannend, maar ook interessant. Dus ik dacht: ik ga gewoon eens kijken. En ik ben niet meer weggegaan.’
Waarom vond je het spannend?
‘Het is complexe problematiek die behoorlijk serieuze gevolgen kan hebben, onder andere voor je gezondheid. Als zorgverlener heb je daar een belangrijke rol en verantwoordelijkheid
Premium


    Al abonnee? Log dan in