Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Reacties0

‘Intergenerationeel trauma is gebaseerd op wat je niet direct waarneemt’

Je kunt de impact van intergenerationeel trauma bijna niet overschatten, zegt ervaringsdeskundige Hameeda Lakho, expert in trauma, herstel en persoonlijk leiderschap. Families en gezinnen zitten vaak jarenlang gevangen in een systeem van angst en controle, waarbij veiligheid plaats maakt voor schaamte en loyaliteit. ‘Het onderscheid tussen incident en patroon is essentieel.’

Hameeda Lakho
Hameeda Lakho

Tekst: Johan Faber

Hulpverleners gespecialiseerd in trauma zijn vaak alert op ‘signalen’. Lichaamstaal, woordgebruik, bepaalde gezichtsuitdrukkingen… het kan allemaal wijzen op traumatische ervaringen die een cliënt om wat voor reden dan ook niet uit zichzelf vertelt. En dat is meteen een belangrijk probleem bij de aanpak van zogenaamd ‘intergenerationeel trauma’: het blijft vaak onzichtbaar. Destructieve patronen die binnen een familie van generatie op generatie worden doorgegeven liggen meestal diep onder de oppervlakte, en de betrokkenen zijn – uit schaamte of loyaliteit – zo geconditioneerd om te zwijgen dat hulpverleners er nauwelijks de vinger achter kunnen krijgen.

Blauwe plekken

“Mijn vader wist precies hoe hij zich moest presenteren als hij langs moest komen bij een bepaalde instantie, of bij de politie,” zegt Hameeda Lakho, die als kind uit Pakistan naar Nederland kwam, en jarenlang door haar vader geestelijk en lichamelijk werd mishandeld. “Hij droeg altijd een keurig net pak en hij praatte heel beheerst: ach, u weet misschien hoe dat is als je vier kinderen in huis hebt, ze moeten zich gedragen en goed luisteren en soms doen ze dat niet, enzovoorts. Dat had onder volwassenen meer gewicht dan mijn blauwe plekken, want die zagen de hulpverleners niet.”

Wat hulpverleners ook niet zagen was het patroon van angst en controle dat het gezin van Lakho in de greep hield. “Ik was een keer weggelopen naar een tante, en die zag de striemen op mijn rug. Ik vertelde dat ik werd geslagen met een stok, en soms ook met een ketting. Ze schakelde de politie in, maar ze kreeg te horen dat het strafbaar was om een minderjarige in huis te houden en dat ik terug moest naar mijn vader. Ook al wist de politie dat mijn vader al dagenlang in zijn auto voor het huis van mijn tante zat.  Mijn vader schreeuwde niet, hij dreigde niet, hij zat daar alleen maar in zijn auto – controlerend, intimiderend.”

Patroon

Het bijkomend probleem is dat de hulpverlening vaak is getraind in het signaleren en oppakken van specifieke gebeurtenissen, zegt Lakho, die onder andere de bestseller Verborgen Tralies schreef over haar ervaringen, en tegenwoordig adviseur is voor overheden en organisaties, o.a. op het gebied van intergenerationele problematiek. “Hulpverleners reageren vaak op incidenten,” zegt ze. “Een melding, een crisis, een escalatie door geweld of middelengebruik, noem maar op. Maar met name in een context van chronische onveiligheid – huiselijk geweld of kindermishandeling – loop je dan ook het risico dat je alleen maar reageert op wat zich op dat moment voordoet, terwijl je mist wat zich herhaalt. Dat onderscheid tussen incident en patroon is natuurlijk essentieel, ook voor een eventuele behandeling.”

Dat geldt in ieder geval voor de behandeling van intergenerationeel trauma, waarbij mechanismen van afwijzing, geweld, zwijgen en aanpassen vaak over een periode van tientallen jaren zijn ingesleten, aldus Lakho. Op het komende Jaarcongres Trauma bij Kinderen, op 27 maart as, zal ze spreken over de impact en de gevolgen van intergenerationeel trauma op haar leven, en over het doorbreken van die diepgewortelde geweldspatronen. “Je ziet bij veel professionals een zekere handelingsverlegenheid op dit gebied,” zegt ze. “Want hoe benoem je iets wat je misschien wel aanvoelt, maar nog niet heel scherp ziet? Een incident vraagt om directe interventie. Maar een patroon vraagt van de kant van de hulpverlener om vertraging, om duiding en menselijkheid. Waar komt de spanning die ik voel vandaan? Wat zien we voorbij het zichtbare gedrag, wat speelt zich af onder de oppervlakte?”

Spanning

Die professionele nieuwsgierigheid vereist ook enige doortastendheid, denkt Lakho. “Ik ben betrokken geweest bij casussen waarbij wel 24 partijen op één gezin zaten. Al die hulpverleners wilden heel graag helpen, maar ze liepen allemaal vast in wat zichtbaar, meetbaar en bespreekbaar was. Ze hoorden het verhaal, maar ze durfden niet door te vragen; ze zagen de spanning, maar ze benoemden dat niet. In wezen namen ze alleen maar losstaande gebeurtenissen waar. Die namen ze wel serieus, maar ze misten de grote lijn.”

Hulpverlening is in dergelijke gevallen pas effectief als de professional beseft dat het niet alleen maar gaat om, bijvoorbeeld, een alcoholische moeder of een gewelddadige vader, maar om een systeem. Om dat te doorbreken heeft het weinig zin om moeder van de alcohol af te helpen als je niet tegelijkertijd die terugkerende patronen op zijn minst benoemt, en probeert om dáár wat aan te doen.

Complex

Lakho benadrukt dat we daarbij niet te snel moeten terugvallen op een simpele ‘dader-slachtoffer’-analyse. “Intergenerationeel trauma is enorm complex en we oordelen soms overhaast,” zegt ze. “Vaak is iemand die de hulpverlening als ‘dader’ ziet al gebrandmerkt voor hij of zij iets heeft kunnen zeggen of uitleggen. Niet om bepaald gedrag goed te praten, maar het is heel belangrijk om alle betrokkenen vanuit nieuwsgierigheid te benaderen, anders zul je nooit begrijpen waar bepaalde patronen vandaan komen. Vaders die gewelddadig waren zeiden me wel eens: niemand heeft mij ooit gevraagd waarom ik sloeg. Dat klinkt misschien vreemd of cru, maar het kan interessante antwoorden opleveren. Misschien hoor je van zo’n dader wel: ik sloeg omdat ik zelf onzeker was. Of: ik was bang om mijn vrouw te verliezen. Of: ik was bang dat mijn kinderen mij niet respecteerden. Dat geeft meer inzicht in de mechanismen van intergenerationeel trauma.”

Lakho ontsnapte uiteindelijk aan het gewelddadige systeem thuis (ze zat vanaf haar dertiende tot haar negentiende in kindertehuizen), maar merkte in haar dagelijks leven hoe hardnekkig de patronen van intergenerationeel trauma kunnen zijn. “Ik moest grenzen stellen, maar hoe doe je dat als je in je jeugd nooit grenzen hebt durven aangeven? Als je nooit boos hebt mogen zijn, of verdrietig? Ik had een jeugd waarin alles verboden was. En ik besefte pas echt hoe groot de impact daarvan was toen ik zelf kinderen kreeg.”

Hameeda Lakho zal spreken op het Jaarcongres Trauma bij Kinderen, op vrijdag 27 maart 2026 in Utrecht

Over Hameeda Lakho

Hameeda Lakho
Hameeda Lakho
Directeur DGA
Hameeda Lakho Academy B.V.

Hameeda Lakho is bestsellerauteur van zeven boeken, waaronder Verborgen Tralies (meer dan 350.000 verkochte exemplaren in Nederland en verschenen in 8 vertalingen) en Zie je mij? i.s.m. Jeroen Wapenaar. Als spreker en expert in trauma, herstel en persoonlijk leiderschap raakt zij al ruim 25 jaar duizenden mensen in binnen en buitenland. Zij adviseert overheid, gemeenten en organisaties over beleidsontwikkeling, kennisoverdracht en de doorontwikkeling van het cliëntperspectief in de zorg en veiligheidssector, met focus op huiselijk geweld, kindermishandeling en complexe gezinsdynamieken. Als herstelcoach begeleidt zij slachtoffers naar veiligheid, herstel en regie. In de Hameeda Lakho Academy bundelt zij haar doorleefde ervaring en expertise in online programma’s voor survivors en professionals.
www.hameedalakho.nl, www.herstel-ervaringsdeskundigheid.nl