Has food lost its attraction in anorexia nervosa?

Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan

Renate Neimeijer promoveerde op 29 maart 2018 aan de Rijksuniversiteit Groningen op haar proefschrift Has food lost its attraction in anorexia nervosa? A cognitive approach.

Waarom dit onderzoek?

Veel mensen doen aan de lijn, maar een dieet volhouden is voor de meeste mensen niet gemakkelijk. Soms is hun gewicht na een tijdje zelfs hoger dan toen ze met hun dieet begonnen. Maar mensen met anorexia nervosa zijn juist extreem goed in lijnen, zelfs als ze al ernstig ondergewicht hebben. Om te verklaren waarom de ene groep het lijnen niet volhoudt en de andere groep wel, zelfs in die mate dat het hun gezondheid schaadt, heb ik dit onderzoek gedaan. Ik concludeer in mijn onderzoek dat er verschillen zijn in de aantrekkingskracht van voedsel. Zo hebben anorexiapatiënten nauwelijks de automatische neiging, die gezonde mensen wel hebben, om op voedsel af te gaan. Ook zijn er opmerkelijke verschillen tussen onsuccesvolle lijners en niet-lijners, die onder meer met stemming te maken hebben.

Mijn idee was dat mensen met anorexia wellicht heel goed hun aandacht kunnen wegrichten van voedsel. Om dit te testen liet ik gezonde jongeren, jongeren met anorexia nervosa en onsuccesvolle lijners computertaken doen waarbij ze snel moesten reageren op voedselplaatjes. Wanneer hun aandacht minder wordt gevangen door lekker voedsel, komen ze immers ook minder in de verleiding om te gaan eten. Deze aanname bleek niet te kloppen. Zowel de mensen met anorexia als de onsuccesvolle lijners bleken juist meer aandacht voor voedsel te hebben dan mensen die niet met de lijn bezig zijn. Blijkbaar is voedsel in beide groepen zo belangrijk dat het sterk de aandacht trekt. Dit houdt mogelijk verstoord eetgedrag – van zowel te veel als te weinig eten – in stand.

https://static-content.springer.com/image/art%3A10.1007%2Fs12454-019-0026-9/MediaObjects/12454_2019_26_Fig1_HTML.jpg

Vervolgens keek ik tijdens het experiment naar de automatische reactie op de voedselplaatjes, als het eenmaal onder de aandacht is. Hebben mensen met anorexia dezelfde neiging als mensen zonder eetstoornis om automatisch op voedsel af te gaan? Daarbij vond ik wél verschillen tussen succesvolle en onsuccesvolle lijners. Anorexiapatiënten bleken nauwelijks de automatische neiging te hebben om op de voedselplaatjes af te gaan. Het zou goed kunnen dat ze daardoor gemakkelijker hun lijngedrag volhouden. Onsuccesvolle lijners hadden juist wel een sterkere automatische neiging om op voedsel af te gaan. Dit zou wellicht kunnen verklaren waarom ze elke keer worden verleid om meer te eten dan ze van plan zijn.

Wat hebben kinderen en opvoeders hieraan?

Een volgende stap zou zijn om te kijken of we deze automatische reacties rechtstreeks kunnen beïnvloeden. Als dat zo is, zouden we aan de reguliere behandeling van anorexia een training kunnen toevoegen om de automatische cognitieve processen te beïnvloeden. Zo ver is het echter nog niet, eerst zal er meer onderzoek moeten worden gedaan.

Wat hebben professionals en beleidsmaker eraan?

Voor professionals die werken met kinderen en jongeren met overgewicht is het interessant om te weten dat niet alleen een negatieve stemming een risicofactor is voor overeten: bij onsuccesvolle lijners was de neiging om op voedsel af te gaan met name groot als ze zich blij voelden. Bij niet lijners was het omgekeerde het geval: zij gingen juist meer op de voedselplaatjes af als ze zich somber voelden.