Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Reacties0

Marije Kuin: ‘Een positief zelfbeeld is heel belangrijk voor het verloop van behandelingen in de GGZ.’

Marije Kuin is GZ-psycholoog en cognitief gedragstherapeut. Marije heeft veel ervaring met het werken met kinderen, jongeren en hun ouders met diverse problematiek en ontwikkelde verschillende behandelmodules. In haar lezing 'Werken aan je zelfbeeld, COMET voor kinderen en jongeren' op de studiedag Zelfbeeld als transdiagnostische factor zal Marije uitleggen wat de werkzame mechanismes zijn van 'Werken aan je zelfbeeld (COMET)' en dit aan de hand van een praktijkvoorbeeld toelichten. Deelnemers zullen zelf ervaren hoe deze mechanismes van invloed kunnen zijn op hun eigen gevoel.

Steeds meer kinderen en jongeren komen terecht bij de GGZ met mentale klachten als angst, somberheid, gedragsproblemen, psychosomatische klachten, psychotische stoornissen en verslavingsproblematiek. Hoe verklaar jij dat er steeds meer kinderen en jongeren zijn met mentale klachten?

Marije: ‘Ik denk dat we er als maatschappij meer alert op zijn geworden. Vroeger lag hier een groter taboe op, maar waren er ook al psychische problemen. Ik zie veel ouders van bijvoorbeeld kinderen die gediagnosticeerd worden met ADHD die zelf een hele moeizame jeugd hebben gehad. Door het behandeltraject met hun kind ontdekken ze dat zij mogelijk ook een ADHD-brein hadden in die levensfase. Dat werd toen niet erkend of herkend en heeft voor velen tot heel veel problemen geleid. Hetzelfde geldt voor depressieve klachten. Daar werd een aantal decennia geleden bijna niet over gesproken maar nu hoor ik kinderen zeggen dat hun opa of oma misschien ook wel altijd depressief is geweest, maar dat niemand dat wist. Er is dus letterlijk meer ruimte en openheid om over psychisch welzijn te praten.’

Het positieve zelfbeeld

Vaak liggen verstoringen in het zelfbeeld onder deze mentale klachten. Ze hebben weinig beeld van zichzelf, of vinden zichzelf minder waard, denken dat ze er niet bij horen of gaan buiten (eigen) grenzen om erbij te horen. Hoe belangrijk is een positief zelfbeeld eigenlijk?

Marije: ‘Heel belangrijk! Iedereen heeft wel eens momenten dat je minder tevreden bent over jezelf, maar als je dat voortdurend zo ervaart, kan dat behoorlijk in de weg zitten. Je kunt daardoor sneller boos, bang, verdrietig of somber zijn. En het kan moeilijk zijn om dingen te doen die je niet durft, waardoor je ook niet leert dat je dingen goed kunt. Een negatief zelfbeeld zorgt dan ook voor meer psychische problemen, maar ook voor verslavingen, voor school/werkuitval en zelfs voor somatische problemen. Een positief zelfbeeld daarentegen zorgt voor een optimistischer denkstijl, een gezonder lijf, betere schoolprestaties, minder psychopathologie etc. Het maakt je als mens weerbaarder om met tegenslagen om te gaan. Bovendien ben je geneigd om meer nieuwe dingen uit te proberen, waar je dan ook weer van kunt groeien.’

COMET, wat is dat eigenlijk? 

In haar lezing zal Marije aan de hand van een praktijkvoorbeeld uitleggen wat de werkzame mechanismes zijn van COMET, een behandelmethode voor een negatief zelfbeeld. Maar wat is COMET eigenlijk?

Er zijn verschillende CGT-interventies om het zelfbeeld te versterken, bijvoorbeeld door meerdimensionaal evalueren, rescripting en contraconditionering. Op dit moment is COMET de empirisch best ondersteunde interventie voor het versterken van zelfwaardering. Het staat voor Competitive Memory Training, waarbij  positieve representaties versterkt worden en de competitie aangaan met representaties die normaliter een negatief zelfbeeld oproepen.

‘Kinderen en adolescenten worden getraind in het oproepen van een positief gevoel over zichzelf. Hun brein is enorm goed getraind in het focussen op mislukkingen en negatieve zelfspraak, waardoor er vrijwel geen ruimte meer overblijft om positiever te denken. Daar gaan we mee aan de slag in de behandeling: een positief pad aanleggen in het brein door middel van het activeren van positieve gevoelens. Uiteindelijk proberen we te bereiken dat het kind dit gevoel vast kan houden, ondanks dat het denkt aan een moment waarop hij/zij normaliter een onzeker gevoel krijgt. Een belangrijke factor in het protocol is dan ook VOELEN. Er wordt met de kinderen en jongeren die het COMET protocol volgen veel geoefend en gewerkt aan positief denken en het oproepen van positieve gevoelens. Dat is namelijk heel moeilijk voor mensen met een negatief zelfbeeld. Hard werken dus, maar heel nuttig.’

Een self-fulfilling prophecy

In de lezing van Marije wordt het gebruiken van verschillende ondersteuningsbronnen toegelicht. Veel kinderen die Marije ziet, zeggen in de eerste drie sessies bij elke opdracht “dat lukt me niet, dat werkt toch niet bij mij, ik kan dat niet” omdat dat ook is wat ze op dat moment denken. Hun brein focust teveel op mislukkingen en bevestigt dit alvast door vooraf al te noemen dat iets niet werkt.

‘Het is een soort self-fulfilling prophecy. Wanneer ik daarover in gesprek zou gaan tijdens deze training, geef ik stiekem toch weer vrij baan aan negatieve gedachtes. Je komt dan al snel in een ja-maar-discussie waarin ze blijven benadrukken dat ze het echt niet kunnen, waarmee ze weer negatieve informatie over zichzelf opslaan. De kunst is om dit als therapeut te tackelen op een positieve manier, zodat er tijdens de gehele training vrijwel geen tijd wordt besteed aan negatief denken. Dat geeft letterlijk meer kans om positieve informatie binnen te laten komen. In de psycho-educatie vooraf heb ik dit al uitgelegd en kan ik vaak terugkoppelen wat er gebeurt en het negatieve denken afkappen. Bijvoorbeeld door te benoemen: “Ja, dat wil het rode schema van jouw brein graag geloven he? Maar daar gaan we in deze training mooi niet naar luisteren, we gingen het groene schema trainen, weet je nog?” Liefdevol en als het kan met gepaste humor en luchtigheid. Ik denk dat dit ook echt een belangrijk mechanisme is in deze training; de positieve insteek van de gehele training.’

Transdiagnostisch werken

Een negatief zelfbeeld is een transdiagnostische factor en komt dus bij verschillende classificaties en klachten voor. Bij kinderen en adolescenten hangt een negatief zelfbeeld bijvoorbeeld samen met depressie, agressie, angststoornissen, eetstoornissen en leer- en ontwikkelingsstoornissen. Ook wordt het in verband gebracht met lagere schoolprestaties, verminderd sociaal functioneren en verminderd geaccepteerd worden door leeftijdsgenoten. Waarom is COMET een goede methodiek/protocol als het gaat om zelfbeeld als transdiagnostische factor?

Marije: ‘Omdat er heel veel kinderen en jongeren in de GGZ lopen met een negatief zelfbeeld. Zelfbeeld zit niet ‘vast’ aan een psychische stoornis, maar komt in negatieve zin dus bij meerdere psychische stoornissen voor. Daarmee overstijgt zelfbeeld de diagnoses en is transdiagnostisch. Dit maakt dat veel kinderen en jongeren geholpen zouden kunnen worden met een behandeling die focust op het verkrijgen van een positief zelfbeeld. Maar er zijn gelukkig ook genoeg kinderen en jongeren met een positief zelfbeeld in combinatie met een psychische stoornis, dus het is en blijft altijd maatwerk! Niet elk kind in de GGZ heeft een behandeling op zelfbeeld nodig. Overigens werkt een behandeling sowieso beter als er sprake is van een positief zelfbeeld. Het is dus wel altijd goed om daar alert op te zijn in behandelingen.’

Belang van deze studiedag

Waarom vind je het belangrijk dat collega’s en andere hulpverleners in de ggz deelnemen aan deze studiedag? ‘Omdat een positief zelfbeeld heel belangrijk is qua prognose voor het verloop van behandelingen in de GGZ. En het voorkomt ernstigere problematiek, dus ook preventief is het zeer nuttig! Het is de bewustwording van de mogelijkheden om een negatief zelfbeeld te behandelen die zo belangrijk is. Als je er als behandelaar niet aan denkt om dit te bespreken als behandeloptie, komen er weinig cliënten uit zichzelf mee naar voren. Zij zijn gewend dat ze zo negatief denken over zichzelf en hebben vaak helemaal geen besef dat dit zou kunnen veranderen. Een belangrijke taak voor ons hulpverleners dus. En daarbij leer je tijdens deze lezing hoe zo’n behandeling er in de praktijk uit kan zien!’

Meer weten?

Studiedag Behandeling zelfbeeld als transdiagnostische factor