Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Reacties0

Help de jeugd aan betere mentale gezondheid

De pandemie maakt investeren in de mentale gezondheid van de Nederlandse jeugd hard nodig. Het gebeurt helaas veel te versnipperd. Drie stappen om er wél een succes van te maken.
Dat corona het welbevinden en de mentale gezondheid van kinderen en jongeren negatief beïnvloedt, staat intussen wel vast (NJi 2021). Goed dat hier steeds meer aandacht voor is. Er lijken ook meer middelen te komen om er iets aan te doen. Zo zijn ‘welbevinden en sociaal emotionele ontwikkeling’ onderwerp geworden binnen het Nationaal Programma Onderwijs, vindt op dit moment een verkenning plaats voor een mogelijk Nationaal Preventieakkoord Mentale Gezondheid en is binnen de Kennisagenda Samen Gezond Leven 2021 ‘mentale gezondheid’ als thema opgenomen, waarbij preventie centraal staat. Allemaal goed nieuws, want investeren in mentale gezondheid en de preventie van psychische problematiek kan bijdragen aan het ervaren van een goede kwaliteit van leven en leidt bovendien tot minder zorgkosten (o.a. Huebner en Gilman 2006; Santini et al. 2021; Shields-Zeeman et al. 2021).
De vraag is echter of we op dit moment in Nederland de juiste bouwstenen en infrastructuur hebben om effectief te kunnen inzetten op het versterken van mentale gezondheid en de preventie van psychische problematiek bij jeugd. Wij menen dat hier nog veel winst te behalen valt.

Wat is het probleem?

In Nederland is een groot aanbod van interventies gericht op het versterken van mentale gezondheid en het (verder) voorkómen van psychische problemen. Het aanbod aan programma’s is echter niet alleen enorm versnipperd, er is ook niet altijd goed zicht op de kwaliteit. Databanken voor effectieve interventies kunnen helpen om het kwaliteitsniveau van interventies in te schatten, maar bieden weinig handvatten voor het maken van de juiste keuze tussen al die interventies. Alleen al in de Databank Effectieve Jeugdinterventies van het Nederlands Jeugdinstituut (NJi) staan 334 verschillende programma’s gericht op 59 verschillende thema’s. Daarnaast zijn er veel interventies die niet zijn opgenomen in de verschillende databanken, maar die wel, op grote of kleine schaal, worden gebruikt in de praktijk, terwijl goed zicht op de kwaliteit ontbreekt. Organisaties en scholen zien vaak door de bomen het bos niet meer.
Door het ontbreken van financiële middelen voor langdurig effectonderzoek hebben interventie-eigenaren soms grote moeite om van de status ‘theoretisch goed onderbouwd’ naar de status ‘bewezen effectief’ te komen. Van de 334 programma’s in de databank van het NJi hebben er 159 de status ‘goed onderbouwd’ en zijn er zeven effectief bewezen ‘volgens sterke aanwijzing’. Het resultaat is een databank met een uitgebreid aanbod aan interventies, waarvan bij slechts een klein deel bekend is wat de effecten zijn. Daarnaast weten we te weinig
Premium

Wil je dit artikel lezen?


    Al abonnee? Log dan in